Verslag uit Palestina: aantekeningen van een dagelijks bestaan onder bezetting

Home Geen categorie Verslag uit Palestina: aantekeningen van een dagelijks bestaan onder bezetting
Verslag uit Palestina: aantekeningen van een dagelijks bestaan onder bezetting

Annet Henneman (62) is actrice en regisseur, afkomstig uit Nederland en wonend in Italië. Al negentien jaar reist ze van haar woonplaats Volterra in Italië naar conflictgebieden in het Midden-Oosten, waar ze een groot en hecht netwerk van vrienden opbouwde. Samen met hen heeft ze de internationale theatergroep Teatro di Nascosto (verborgen theater) gevormd. Doel is om de verhalen te vertellen van degenen die zuchten onder oorlog en onderdrukking.

DOOR ANNET HENNEMAN (inclusief foto’s)

Dit artikel verscheen eerder in DeWereldMorgen

In december was Henneman in Palestina. Trump had net het besluit aangekondigd om de Amerikaanse ambassade van Tel-Aviv naar Jeruzalem te verplaatsen. Voor Henneman was het een onstuimige periode, waarin ze talloze keren haar solovoorstelling speelde, vluchtelingenkampen bezocht en samenleefde met Bedoeïenen. Dit alles met de leden van Teatro di Nascosto. Hier lees je fragmenten uit het dagboek dat ze in deze periode bijhield, waarin ze verslag doet van wat ze zag in een verscheurd Palestina.

3 december

Kofernahme, een klein dorp in de regio van Ramallah, huis van Fidaa en haar familie

Ik dacht dat ze me met twee Iraakse visums in mijn paspoort Palestina binnen zouden laten. Voor degenen die niet bekend zijn met de Palestijnse situatie: om naar Palestina te reizen moet je altijd de Israëlische grens over. Soms, als Israëlische soldaten vragen stellen en het werk dat ik doe ze niet bevalt, ontstaan ​​er problemen. Ze geven dan bijvoorbeeld een visum voor maar een ​​paar dagen, of het zou kunnen dat ze me terugsturen. Ik ben nu met Fidaa, een actrice van onze internationale groep Teatro di Nascosto. Ze is een professionele verhalenverteller in Palestina. Haar huis – waar haar grote familie woont – is ook mijn huis geworden als ik in Palestina ben. Terwijl ik dit schrijf is ze bezig met het inspreken van een Arabische stem onder een Franse tekenfilm. Gisteren hadden we een eerste ontmoeting met Mohamed, die vertalingen voor ‘La Radio’ gaat maken. Mohamed heeft geen documenten. Geen geboorteakte of een paspoort. Hij is jong en ‘gevangen’, zoals veel Palestijnen in zijn land. Ze hebben steeds minder grondgebied vanwege de enorme hoeveelheid aan Israëlische nederzettingen.

’s Avonds nemen we een taxi naar het huis van Fidaa. Reizen duurt lang, want Fidaa heeft een rood identiteitsbewijs. Dat betekent dat ze niet naar Jeruzalem kan, of over de Israëlische wegen mag rijden. We moeten dus de lange weg nemen in ons kleine busje.

We hebben een vol programma. Ik ga mijn monoloog spelen. In deze voorstelling speel ik een Palestijnse Bedoeïenvrouw van Jabal al Baba, en Fidaa doet de Arabische vertaling en stem. Daarnaast hebben we veel ontmoetingen.

Een van deze ontmoetingen is met Hada. Om veiligheidsredenen is haar naam gefingeerd. Ik sprak haar in het vluchtelingenkamp van de stad Jenin.

Een paar jaar geleden heb ik haar kamer gefilmd, en haar handen. Haar gezicht mocht ik niet filmen. Haar handen – en die van Fidaa – die vertaalde van het Arabisch naar het Engels, lieten alles zien. Foto’s, brieven; een kamer vol van herinneringen aan haar doodgeschoten broer. Het waren herinneringen aan een jaar opgesloten zitten, de isolatiecel, vriendinnen die nog vastzitten, en een politieke Israëlische gevangenis.

Nu vertelt ze hoe zeven maanden geleden de Israëlische soldaten kwamen – vijftien sterk – om wapens te zoeken die ze niet gevonden hebben. Ze vernietigden het huis, sloegen muren kapot. Iedereen van de familie – ook kinderen – zaten opgesloten in een kamer boven. Filmpjes van de buitencamera laten zien hoe de soldaten het niet al te grote huis binnen gaan. Ook haar kamer was verwoest, die kamer met rode kleuren van de door haar in de gevangenis gemaakte voorwerpen. Die kamer was een klein museum gewijd aan haar broer en haar vriendinnen in de gevangenis. Ik herinner me hoe Fidaa’s stem stokte, niet meer kon vertalen tijdens het filmen, op het moment dat Hada ons de telefoon van haar broer met een kogelgat erin liet zien.

Terug in de gastenkamer huilt de moeder van Hada. Ze zegt: toen ik een paar maanden geleden na een hartoperatie mijn ogen opende, vroeg ik me af: waar zijn mijn kinderen? Een is doodgeschoten, en alle andere zitten in politieke gevangenissen – op één na. Mijn kleinkinderen, de kinderen van mijn broer vragen mij als ze de foto’s van mijn kinderen zien: Wie is dat? Waar is hij?

7 december

Vluchtelingenkamp in de stad Bethlehem, Huis van Hada. 6 uur ‘s ochtends

Morgenochtend gaat Trump een persconferentie houden over Jeruzalem. Fidaa, Hada en haar man praten over de telefoon met een vriendin in Jeruzalem, zeggen dat ze niet moet huilen. Dat Trump de Amerikaanse ambassade niet zal overplaatsen vanuit Tel Aviv, maar zeggen ook dat als het wel gebeurt er een derde intifada (Palestijnse volksopstand) zou kunnen komen.

De volgende avond bij Fidaa zet ik om acht uur Aljazeera live aan, en zie ik Fidaa’s ongelovige en geschokte gezicht. Trump zegt dat Jeruzalem de hoofdstad is van Israël, en de Amerikaanse ambassade daarom van Tel Aviv naar Jeruzalem verplaatst zal worden. Vanaf dat moment hangt er overal in Palestina spanning. Overal worden demonstraties voorbereid, er is een officiële verklaring die drie dagen van ‘woede’ in heel Palestina uitroept. Scholen, winkels, supermarkten – alles blijft dicht.

Het is bijna kerst en de aankomst in Bethlehem gisteren was prachtig, overal zag je lichtjes. Maar vanaf vandaag is dat over. De lichten zijn uit. Alles komt langzaam op gang. We gaan naar de demonstratie in Ramallah. Maar het heeft niet de verwachte grootte.

Ik zie op tv en op het internet hoe demonstranten in Jeruzalem en andere steden door waterkanonnen bespoten worden en er vele traangasbommen worden geschoten. Het is onmogelijk voor de demonstranten om te demonstreren. Bij het grote checkpoint van Ramallah worden stenen gegooid, banden verbrand, maar ook daar is het onmogelijk dat er werkelijk gedemonstreerd wordt. De overmacht van Israëlische soldaten is overweldigend en het is niet makkelijk om van de ene plek naar de andere te reizen vanwege de vele gesloten checkpoints en wegen. Om voor de monoloog naar een vrouwenorganisatie van een klein dorp dichtbij Ramallah te gaan, moeten we lang omrijden. Een van de vele eindeloze reizen in de minibussen die Palestina doorkruisen.

8 december

In Jordan Valley, Palestijns gebied dichtbij de grens van Jordanië , in het Bedoeïenen tentenkamp van Eian el Helwa عين الحلوة

Van de rivier die hier ooit stroomde is bijna niets meer over. Boven de rivier zijn lange pijpen aangelegd die het water van de Palestijnse grond naar de Israëlische kolonies brengen, en die de Bedoeïenen voor veel geld kunnen terugkopen. We zien een heel kleine waterbron, een kleine oase in een woestijn. Er zijn schildpadden, en mooie bomen, maar er is nu heel weinig water. Het stukje groen is erg klein.

We zitten in een Bedoeïenentent, een imam met een felrode baard vertelt onophoudelijk over de Koran, terwijl de kippen vanuit achter de tent meekakelen. Van daar gaan we naar het volgende kleine Bedoeïenen tentenkamp. Er komt een busje van Artsen Zonder Grenzen uit Israël. Ze komen eens in de maand, en dat is de enige gezondheidszorg in deze streek, waar velen geen auto hebben, geen elektriciteit of water. Omdat ze zo geïsoleerd leven, zijn ze bang ziek te worden of een hartaanval te krijgen. We liggen met meerdere vrouwen op de vloer in de tent. De vrouwen zijn moe. Een heeft zeven kinderen, ze verzorgt de dieren, maakt brood en wast de kleren. Ze is ziek: ze heeft een hoge bloeddruk en pijn in haar borst. We spelen ook hier de monoloog, bij het licht van het vuur. De reacties van de vrouwen vooral zijn overweldigend, ze zijn zo blij dat iemand uit Europa ze begrijpt. Het doet me beseffen hoe geïsoleerd ze zijn.

Het is 21.45. Onze gastvrouw is nu de deeg voor het brood voor morgen aan het maken, in de stille duisternis, dichtbij het vuur, onder een lucht van sterren, op de achtergrond de geluiden van de schapen en de koeien. We praten uren bij het vuur. Geen enkele jongen hier gaat naar de universiteit. Twee hebben een aantal jaren voor de kolonisten gewerkt, maar zijn terug gekomen naar het kamp omdat de salarissen zo laag waren dat ze nooit zouden kunnen trouwen. Allemaal zouden ze willen studeren of weggaan uit Palestina, waar ze geen toekomst meer zien. Ze zijn hier gebleven voor hun tante die hun zo goed mogelijk probeert op te voeden en ook wil dat ze Engels leren. Nog niet lang geleden hoedde ze zelf schapen. Soms werd ze beschoten door de kolonisten, en moest ze lang plat op de grond blijven liggen totdat het schieten ophield. Elke dag is ze bezorgd voor haar neven die de schapen en geiten hoeden. De jongens vertellen dat ze bang zijn voor wat de volgende dag kan brengen. Ze worden regelmatig door de soldaten aangehouden, die dan een sjaal om hun nek doen en er heel hard aan trekken zodat ze bijna stikken.

10 december

Wakker worden met overal kippen, een ezel, hond, en een witte kat met scheve azuurblauwe ogen in de tent. Thee op houtskoolvuur, zelf gemaakte yoghurt en kaas die in een ijskast kan omdat Jordan Valley Solidarity (NGO die Palestijnse gemeenschappen steunt) voor een paar zonnepanelen heeft gezorgd. We lopen al twee dagen lang dag en nacht in dezelfde kleren. Er is hier geen water, geen douche, de wc is een ijzeren hok met eronder een berg as.

We hebben geen idee wat er gaande is in de rest van het land. We zullen het snel weten, als er weer internet is op de telefoon. We reizen verder. We gaan weer spelen bij de Bedoeïenen, in de regio van Bethlehem, in Jordan Valley. Dit keer is er een echte school met kleine gebouwtjes. Hier hebben ze sinds kort elektriciteit, ook van zonnepanelen. Maar ook hier is geen water, alleen maar plastic flesjes. De school staat midden in het niets, in een woestijn. De school telt zeventig kinderen van zes tot twaalf jaar. Ze hebben geen mobiele telefoons, misschien geen tv thuis, en ze hebben geen idee van wat er gebeurt in de buitenwereld. Een meisje komt elke dag naar school met een ezel. We hebben de monoloog aangepast voor de kinderen, met grotere bewegingen, en het betrekken van de kinderen bij het spel.

Als mijn reis ten einde loopt gaat alles ineens heel vlug. Opeens staan we aan de kant van de weg in de woestijn, wachtend op de bus naar Ramallah. Op een druk busstation, tussen een rij van mensen die met dezelfde bus naar Jeruzalem willen. Ik neem geen afscheid van Fidaa – we zeggen tot ziens. We zijn negen dagen dag en nacht met elkaar samen geweest. Ze blijft achter in een land waarvan de toekomst onzeker is.

12 december

Terug in Volterra, Italië

Ik krijg continu berichten van Fidaa via WhatsApp, een foto van een jongen die een oog heeft verloren tijdens een demonstratie omdat er door de Israëlische soldaten op hem geschoten is, we hadden hem de dag ervoor gezien in een vredige demonstratie. Er is nu een checkpoint om naar haar dorp te gaan. Een ‘no go zone’ in het dorp even verderop.

22 december

Basra, Irak

Op dit moment bevind ik mij in Basra waar ik aan het werk ben met acteurs. Ik blijf het nieuws in Palestina volgen, en over een half jaar zal ik er weer heen gaan. De monoloog die ik in deze negen dagen vijf keer heb gespeeld in de meest uitlopende situaties, is geboekt voor een groot festival in de zomer. In dit werk – het willen begrijpen hoe het leven is voor mensen in de conflictgebieden – is het heel belangrijk er steeds terug te keren. De veranderingen te zien, en te leven samen met wie gedwongen is er continu te leven.

Wat er gaat gebeuren met Palestina? Ik weet het niet. Wat ik heb gezien is dat er enorm veel koloniën bij zijn gekomen. Palestina is een bezet land dat steeds kleiner wordt. De verklaring van Trump heeft grote consequenties gehad. Voor de Palestijnen: 15 doden, rond de 1.000 gewonden, en 585 arrestaties.

Volg de ontwikkelingen van Annet via ‘La Radio’ op: www.teatrodinascosto.com